







|
|
SOTN is door mij opgericht toen ik de eerste keer naar Nederland kwam. Ik wilde graag iets doen voor kinderen die met hun ouders of verzorgers naar India of Nepal zijn gevlucht. Zowel India als Nepal hebben hun gevluchte Tibetaanse buren zo goed mogelijk opgevangen, maar de vele ontheemden vormen een zware belasting voor de zwakke economie van deze landen. Zonder een goede scholing hebben deze ontheemde kinderen later weinig kans op werk of een goede positie in de Indiase of Nepalese samenleving. Ook als ze ooit terug kunnen keren naar Tibet, hebben ze zonder onderwijs een achterstand opgelopen die niet meer in te halen is.
Toen ik in Bangladesh en in Afrika verbleef, is het werk van de stichting voortgezet door twee geweldige Nederlanders, Albert Bolink en Koosje de Veer. Ze hielden contact met de sponsors en donateurs, zamelden geld in en gaven voorlichting. Albert maakte daarnaast de prachtige Tibetoontjes, bijzondere windklokken van gerecycled hardhout. Deze werden verkocht en de opbrengst ging naar de
SOTN. Enige tijd geleden hebben ze mij gevraagd het werk voor de stichting weer op mij te nemen, omdat ze het gezien hun leeftijd wat rustiger aan wilden doen.
De kinderen die door
SOTN worden ondersteund, zijn allemaal nakomelingen van Tibetanen die hun land zijn ontvlucht. Er trekken nog steeds mensen uit Tibet naar de naburige landen, de laatste jaren vooral vanuit Oost-Tibet. (Voor de huidige politieke situatie in Tibet verwijs ik graag naar de website
Tibet.nu. De kinderen gaan naar school als ze zeven jaar zijn en de volledige opleiding duurt twaalf jaar. Om 1 kind 1 maand naar school te kunnen sturen, is ongeveer
€ 25,= nodig. Een flink aantal kinderen heeft met hulp van sponsors en donateurs de opleiding al kunnen voltooien. Op het ogenblik steunt de
SOTN ruim dertig kinderen.

|